Warner Kalk

Warner Kalk

Prof. dr. Warner Kalk FDS RCSEd behaalde in 1970 zijn tandartsdiploma aan de Rijksuniversiteit te Groningen. Vervolgens werkte hij van 1970 tot 1985 aan de opleiding Tandheelkunde van de Vrije Universiteit te Amsterdam waar hij in 1979 promoveerde tot doctor in de tandheelkunde binnen de Medische Faculteit.

Van 1985 tot 1998 was hij hoogleraar in de Restauratieve Tandheelkunde aan de Radboud Universiteit te Nijmegen en gaf leiding aan de Sector Orale Functieleer en het Centrum voor Bijzondere Tandheelkunde. In 1998 volgde zijn benoeming tot hoogleraar en hoofd van de afdeling Orale Functieleer en Prothetische Tandheelkunde van de opleiding Tandheelkunde aan de Rijksuniversiteit te Groningen. Hij publiceerde als (co)auteur ca 250 artikelen, waarvan ongeveer 150 in (inter-)nationale gerefereerde tijdschriften en schreef als auteur diverse bijdragen in boeken en is redacteur van diverse studieboeken.

In 2002 werd hij door de “International Association of Dental Research” (IADR) eervol onderscheiden vanwege zijn belangrijke bijdrage aan de wetenschap in de tandheelkunde en ontving daarvoor als eerste Nederlander de prestigieuze “Research in Prosthodontics and Implants Award”.

In 2008 ontving hij in Schotland een eervolle onderscheiding en de titel Fellow Dental Surgeon Royal College of Surgeons Edinburgh (FDS RCSEd).
Daarnaast is hij sinds 1997 erelid van de Nederlandse Vereniging voor Gerodontologie en werd hij in 2008 benoemd als ‘honorary life member’ van de European Prosthodontic Association.

In mei 2010 ging professor Kalk met emeritaat en hield hij zijn afscheidscollege met als titel: ‘Van doen naar denken’, waarin de ontwikkelingen werden geschetst binnen de prothetische en restauratieve tandheelkunde gedurende de afgelopen 40 jaar. Tijdens zijn afscheid werd hij uit naam van Hare Majesteit de Koningin der Nederlanden benoemd tot Officier in de Orde van Oranje Nassau.

Professor Kalk werkt op dit moment samen met zijn zoon, kaakchirurg in het ziekenhuis ‘de Tjongerschans’ te Heerenveen, waar hij zich vooral bezig houdt met de toepassing van digitale technieken in relatie met de diagnostiek en behandelplanning binnen de orale implantologie en de reconstructieve tandheelkunde.

Titel
Diagnostiek en behandelplanning: ‘key to success’ bij de restauratieve behandeling met en zonder implantaten.

Samenvatting
Verlies van gebitselementen kan gepaard gaan met problemen zoals migratie, stoornissen in occlusie en articulatie, verlies in beethoogte, parodontale en endodontische afwijkingen. Deze problemen dienen nauwkeurig te worden geanalyseerd. Het daarbij gehanteerde protocol voor zorg- en behandelplanning dient als leidraad teneinde tot een juiste diagnose te komen. Op basis hiervan wordt de zorgrichting vastgesteld waarmee het doel wordt aangegeven wat we met de voorgestelde behandeling willen bereiken. Het resultaat van de initiële behandeling is veelal bepalend voor de vraag welk doel binnen de gekozen zorgrichting haalbaar is. De behandeling kan bij een nagenoeg identieke gebitssituatie immers variëren van de toepassing van eenvoudige plaatprothesen op weg naar uiteindelijk verlies van de natuurlijke dentitie of de vervaardiging van meer duurzame voorzieningen al dan niet in combinatie met de toepassing van implantaten teneinde de natuurlijke occlusie te behouden.

Een belangrijke vraag waarop een antwoord dient te worden verkregen is: ‘welke voorwaarden moeten in de zorg- en behandelplanning worden gecreëerd om een goede prognose, esthetiek en een bij de leeftijd passende adequate functie te bewerkstelligen?’

De uitvoering van de initiële behandeling en de daarop volgende behandeling, veelal met implantaten, zal aan de hand van een aantal patiënt cases worden toegelicht